Van 20 november 1945 tot 1 oktober 1946 is het eerste Proces van Neurenberg. Hier staan 24 kopstukken van het naziregime terecht voor hun misdaden tijdens en voor de oorlog. Niet alle belangrijke nazi’s kunnen worden berecht. Hitler, Himmler en Goebbels hebben dan al zelfmoord gepleegd. Andere nazi’s zijn vermist of op de vlucht.
Het Internationaal Militair Tribunaal zit het proces voor. Er zijn acht rechters, twee voor elk van de geallieerde landen; Frankrijk, de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en de Sovjet-Unie. De nazi’s zijn op vier punten aangeklaagd: samenzwering, het beginnen van een oorlog, oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid.
Het tribunaal legt twaalf keer de doodstraf op. Zeven veroordeelden krijgen gevangenisstraffen van 10 jaar tot levenslang. Drie aangeklaagden worden vrijgesproken. Twee anderen worden niet vervolgd.
Na het proces tegen de kopstukken volgen nog twaalf andere processen in Neurenberg. Hier staan onder meer artsen, legerofficieren, rechters, industriëlen en leden van de Einsatzgruppen terecht.