De uitbraak van de Eerste Wereldoorlog wordt door veel mensen met vreugde ontvangen. Op 2 augustus 1914 gaan jonge Duitsers de straat op en zingen nationalistische liederen om te vieren dan hun leger zich klaarmaakt voor de oorlog. Ook in Engeland en Frankrijk is er veel enthousiasme. Mensen melden zich spontaan om vrijwillig in dienst te gaan.
Oorlogsenthousiasme
2 augustus 1914 Europa
Veel intellectuelen en kunstenaars zijn blij met de oorlog. Ze hopen op verandering en actie. In de oorlogvoerende landen voelen velen zich verbonden met hun landgenoten nu ze tegenover een gemeenschappelijke vijand staan. Ze zien hun tegenstander als de aanstichter van het conflict en vinden hun eigen reactie daarom rechtvaardig. Ook speelt mee dat bijna iedereen erop rekent dat de oorlog kort zal duren en zal eindigen met een overwinning.
Onder de boeren is er minder enthousiasme. Nu zij en hun zoons naar het front moeten, kunnen ze hun oogst niet binnen halen. Pacifisten en socialisten protesteren zelfs tegen de oorlog. De laatsten zien de oorlog als een machtsspel van de heersende klassen en vinden dat arbeiders zich internationaal moeten verenigen in plaats van op elkaar te schieten.




