Anne is extravert, Margot introvert. Anne beklaagt zich vaker in haar dagboek over de standjes die ze van haar moeder krijgt en ook van de andere volwassenen in hun schuilplaats. Margot is het goede voorbeeld. ‘Sommige mensen schijnen het een bijzonder genoegen te vinden niet alleen hun eigen maar ook nog de kinderen van hun kennissen mee op te voeden, zo ook Van Pels. Aan Margot is niets op te voeden, die is van nature de goed‑, lief‑ en knapheid zelve. Maar ik draag haar deel aan ondeugendheid ruimschoots mee’, schrijft Anne op 27 september 1942.
Dagboek Anne en Margot
Anne vertrouwt haar diepste gevoelens aan haar dagboek toe. Het dagboek is haar uitlaadklep én haar inspiratiebron om een roman over haar onderduikperiode te schrijven. Dankzij helpers Miep Gies en Bep Voskuijl blijft het dagboek bewaard en dankzij vader Otto Frank wordt Annes roman Het Achterhuis na de oorlog uitgegeven.
Uit Annes dagboek blijkt dat Margot ook een dagboek bijhoudt. ‘Gisteren avond lagen Margot en ik samen in mijn bed, het was onnoemelijk klein maar juist grappig, ze vroeg of ze soms mijn dagboek mocht lezen, ik zeg sommige stukken wel, en toen vroeg ik naar de hare dat mocht ik dan ook lezen’, schrijft Anne op 14 oktober 1942. In tegenstelling tot Annes dagboek is het dagboek van Margot niet bewaard gebleven.