Wat we doen

De missie van Otto Frank

Educatie als sleutel voor een betere wereld

Otto Frank is de drijvende kracht achter de publicatie van het dagboek van zijn dochter. Hij is tot aan zijn dood betrokken bij de Anne Frank Stichting. Met het beheer van de onderduikplek en het wereldwijd vertellen van het levensverhaal van Anne Frank dragen wij Otto’s missie uit.

Otto Franks boodschap voor jongeren

Otto Frank is ervan overtuigd dat jongeren ervan doordrongen moeten raken dat het nodig en mogelijk is bij te dragen aan een betere wereld. Hij beantwoordt duizenden brieven van jongeren die het dagboek van zijn dochter hebben gelezen en eindigt zijn brieven vaak met de woorden: 'Ik hoop dat Annes boek in je latere leven zal nawerken, zodat je, voor zover dat in je omgeving mogelijk is, zult werken voor toenadering en vrede.'

“Wat is gebeurd, kunnen we niet meer veranderen. Het enige wat we kunnen doen is van het verleden leren en beseffen wat discriminatie en vervolging van onschuldige mensen betekenen.”

Otto Frank en de Anne Frank Stichting

Met de oprichting van de Anne Frank Stichting in 1957 en het openstellen van de onderduikplek in 1960 ziet Otto Frank zijn educatieve missie invulling krijgen.

Over de missie van de Anne Frank Stichting zegt Otto in 1979 in een interview voor het Basler Magazin: '[…] het werk van de Stichting is niet beperkt tot het beheren van het huis. Ze wil de gebeurtenissen tijdens de donkere jaren van de Tweede Wereldoorlog en de jodenvervolgingen onder de aandacht brengen maar ook discriminatie, vooroordelen en onderdrukking in de wereld van vandaag bestrijden.'

Huis van de dialoog

Otto Frank weet hoe belangrijk de ervaring van een bezoek aan het Achterhuis is. Hij wil dat de onderduikplek een huis wordt voor jongeren, gericht op de toekomst. Otto’s ideaal is een huis waar je gesprekken kunt voeren. Een huis speciaal voor jongeren met een waarschuwing uit het verleden, maar gericht op de toekomst.

In 1976 schrijft Otto Frank een brief aan de toenmalig directeur van de Anne Frank Stichting. In deze brief benadrukt hij dat hij de bezoekers aan het Anne Frank Huis niet alleen wil laten nadenken over het leed van de Holocaust. Hij wil ze ook inspireren om in hun eigen omgeving actief op te treden tegen vooroordelen en discriminatie.