Verdieping
None

De Duitse inval in Nederland

Op 10 mei 1940 valt het Duitse leger Nederland binnen. Dit is het begin van vijf dagen strijd die eindigt met de bezetting van Nederland. Waarom viel nazi-Duitsland Nederland aan? Hoe reageerde de Nederlandse bevolking? Hoe verliepen deze vijf dagen?

Oorlog in Europa

Op 1 september 1939 valt het Duitse leger Polen binnen. Twee dagen later verklaren Engeland en Frankrijk, beide bondgenoten van Polen, de oorlog aan Duitsland. De Tweede Wereldoorlog is begonnen, maar na de Duitse bezetting van Polen wordt er een tijd niet meer gevochten. Deze periode wordt ‘schemeroorlog’ genoemd, omdat het voor alle partijen duidelijk is dat dit niet het einde van de strijd is.

Nederland blijft neutraal

Neutraliteit is in 1940 al een eeuw het uitgangspunt van het Nederlandse buitenlandse beleid. Nederland mengt zich niet in internationale conflicten. Pas als Nederland aangevallen wordt, zal het partij kiezen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werkte deze strategie goed. Nederland bleef neutraal en de strijd ging aan Nederland voorbij.

De Nederlandse regering neemt dan ook geen officieel standpunt in over de situatie in nazi-Duitsland. Ze wil geen aanleiding geven voor vijandelijkheden. Dit leidt tot opmerkelijke situaties; Nederlanders die kritiek hebben op de politiek van Adolf Hitler worden vervolgd voor belediging van een ‘bevriend staatshoofd’.

Strategisch belang van Nederland

De geplande aanval op Nederland is onderdeel van een groter aanvalsplan met de codenaam Fall Gelb. De Duitsers hebben als doel Frankrijk te verslaan. Via Nederland en België willen ze de Franse verdedigingslinie aan de oostgrens omzeilen. Door Nederland te bezetten kunnen de nazi’s bovendien voorkomen dat Engeland een uitvalsbasis op het Europese vasteland opzet. 

Duitsland wil België, Nederland en Luxemburg verslaan met een snelle overrompelende aanval, de zogeheten Blitzkrieg. De Duitsers maken gebruik van spionage om de zwakke plekken in de Nederlandse verdediging te ontdekken. Duitse officieren verkleden zich als toerist om de omgeving in kaart te brengen. Ook krijgen ze inlichtingen van in Nederland wonende Duitsers.

Maar niet alle Duitse voorbereidingen lopen soepel. Het Belgische leger krijgt Duitse aanvalsplannen in handen wanneer begin 1940 een Duits vliegtuig een noodlanding maakt in België. Hitler stelt de aanval daarom uit. Ook slechte weersomstandigheden leiden meermaals tot uitstel van de aanval.

Voorbereiding op de Duitse inval

In Nederland houdt de regering steeds meer rekening met een Duitse aanval. Soldaten worden langer in dienst gehouden en hun verlof wordt ingetrokken. Op 19 april 1940 kondigt de regering zelfs de Staat van Beleg af. Daardoor kan ze gevoelige militaire informatie censureren en staatsgevaarlijke personen arresteren. Er bestaat namelijk de angst dat Nederlandse NSB’ers de Duitsers zullen helpen bij een inval.

De Nederlandse bevolking is van veel regeringsmaatregelen niet op de hoogte. Natuurlijk zijn de militaire activiteiten zichtbaar, maar een oorlog lijkt nog ver weg. De regering probeert paniek te voorkomen en roept de inwoners op ‘kalmte te bewaren’ en ‘rustig bij zijn gewone bezigheden’ te blijven.

Duitsland valt Nederland binnen

Nederlandse waarnemers zien in de vroege ochtend van 10 mei 1940 bommenwerpers van de Duitse Luftwaffe richting de Noordzee vliegen. Ze denken dat deze op weg zijn naar Engeland. Boven zee maken de vliegtuigen een bocht van 180 graden en vliegen terug om Nederland aan te vallen. Nederland is nu in oorlog.

Hitler rechtvaardigt de aanval met een leugen in een poging de publieke opinie te beïnvloeden. Engeland en Frankrijk zouden van plan zijn via Nederland en België het Duitse Roergebied aan te vallen. Sommige Duitse soldaten zijn daarom verbaasd geen Engelsen aan te treffen in Nederland.

Mislukte aanval op Den Haag

Bommenwerpers bestoken de militaire vliegvelden en kazernes rond Den Haag. Daarna dalen parachutisten neer en zetten Duitse vliegtuigen soldaten aan de grond, die uit zijn op een snelle overwinning door de regering en koningin Wilhelmina te gijzelen. Dit mislukt dankzij felle tegenstand van de Nederlandse militairen en blunders aan Duitse zijde.

Duitse successen

De Duitse legers vallen Nederland ook in het zuiden aan. Nederlandse troepen blazen hier bruggen op om de Duitse opmars te vertragen. Dit lukt niet overal. Dankzij een truc krijgen Wehrmacht-soldaten de strategisch belangrijke spoorbrug van Gennep in handen. Verkleed in Nederlandse uniforms overmeesteren ze de Nederlandse soldaten.

Het Nederlandse leger vecht drie dagen lang met het Duitse leger op de Grebbeberg. Deze verdedigingslinie bestaat deels uit onder water gezet land. Zo wordt de indringer tijdelijk afgeremd. Desondanks valt de Grebbelinie op 13 mei.

Koningin Wilhelmina vlucht naar Engeland

De Duitsers rukken steeds verder op. Het Nederlandse leger behaalt nog wel kleine overwinningen, maar kan geen standhouden. De ministerraad vindt dat koningin Wilhelmina moet vluchten. Haar veiligheid staat op het spel. Aanvankelijk wil ze niet vertrekken, maar de ernst van de situatie dwingt haar. Een oorlogsschip brengt haar naar Engeland, waar de Britse koning haar ontvangt.

Voor de Nederlandse bevolking is de vlucht van de koningin een klap. Tot dan hebben de kranten vooral over Nederlandse successen bericht. De situatie blijkt ernstiger dan gedacht. Sommige Nederlanders hebben kritiek op de koningin en noemen haar laf. Maar gedurende de bezetting zal de koningin een belangrijk symbool van de strijd tegen nazi-Duitsland blijken.

Vlucht en chaos

Niet alleen de koningin vlucht. Veel Nederlanders moeten hun huis verlaten vanwege het oorlogsgeweld. Eén van de geëvacueerde steden is Breda, waar hevige gevechten verwacht worden. Tienduizenden mensen vertrekken te voet, bepakt met spullen. Tijdens hun evacuatie vallen er doden door luchtgevechten. Omdat de stad onverwacht snel in Duitse handen valt, kunnen de inwoners terugkeren naar een ongeschonden stad. 

Anderen vluchten niet voor de oorlog, maar voor de nazi’s. Het gaat om mensen die eerder uit Duitsland gevlucht zijn: Joden en tegenstanders van de nazi’s. Zij vrezen vervolging. Omdat in het zuiden van Nederland gevochten wordt, proberen veel mensen per schip in Engeland te komen. Slechts een deel van de vluchtelingen lukt dit. De anderen gaan een onzekere toekomst tegemoet.

Bombardement op Rotterdam

In Rotterdam wordt al vanaf het begin van de aanval hevig gevochten, maar het lukt de Duitsers niet de stad in te nemen. De Duitse generaal Schmidt geeft de Nederlandse bevelhebber daarom op 14 mei 1940 een ultimatum. Als Rotterdam zich niet diezelfde middag nog overgeeft, zal de stad gebombardeerd worden.

De onderhandelaars in Rotterdam weten niet dat de legerleiding in Berlijn andere plannen heeft. Luftwaffe-leider Hermann Göring wil met een terreurbombardement heel Nederland tot overgave dwingen. Nog voor het ultimatum afloopt verschijnen de Duitse bommenwerpers aan de horizon. Ze werpen hun bommen af boven het stadscentrum. Als de rook optrekt zijn 80.000 mensen dakloos en tussen de 600 en 900 mensen dood.

Capitulatie van Nederland

De Duitsers dreigen nu Utrecht eveneens te bombarderen. Wetende dat de situatie uitzichtloos is, geeft Nederland zich over. In een schoolgebouw in Rijswijk tekent generaal Winkelman op 15 mei de capitulatieovereenkomst. De nederlaag komt hard aan bij de Nederlandse militairen en burgers. Tegelijkertijd heerst er bij veel Nederlanders ook opluchting dat de spanning voorbij is.

Voor de Joodse bevolking liggen de zaken anders. Zij vrezen de nazi’s het meest. Sommigen Joden in Nederland zijn in de jaren dertig uit Duitsland gevlucht en worden nu ingehaald door de nazi’s. In de maanden na de inval plegen honderden Joden zelfmoord. 

Nu Nederland is verslagen installeren de Duitsers op 29 mei een nieuw bestuur. Aan het hoofd staat rijkscommissaris Arthur Seyss-Inquart, een Oostenrijkse nazi. De komende vijf jaar maken de Duitsers de dienst uit in Nederland.

Waardoor verloor Nederland de strijd?

De Duitse inval kwam, anders dan soms gedacht, niet als een volslagen verrassing. Nederland had zich goed voorbereid op een oorlog, maar een obstakel was de neutraliteitspolitiek. Deze maakte het onmogelijk een goede verdedigingsstrategie te ontwikkelen in samenwerking met Engeland en Frankrijk.

Hoewel de staat van het Nederlandse leger niet zo slecht was als soms wordt beweerd, was het Nederlands wapentuig wel verouderd en niet toereikend. Daarnaast kende Nederland niet zo’n sterke militaire traditie als Duitsland. 

Dit neemt niet weg dat er geslaagde militaire acties van Nederlandse zijde plaatsvonden. Helaas ontbrak het vaak aan overzicht bij de legerleiding, waardoor het niet lukte kleine successen om te zetten in grote overwinningen.

Duitsland bezet West-Europa

Na Nederland vallen ook België, Luxemburg en delen van Frankrijk in handen van de Duitsers. De snelle overwinning doet Hitlers populariteit in Duitsland stijgen. Veel Duitsers zien het als genoegdoening voor het verlies van de Eerste Wereldoorlog.

West-Europa staat in de zomer van 1940 vrijwel volledig onder Duitse controle. De omringende landen houden zich afzijdig of zijn bondgenoten van Duitsland. Alleen Engeland is nog vrij, maar het is ondenkbaar dat de Britten op korte termijn Europa kunnen bevrijden.

Literatuur

  • Amersfoort, Herman & Kamphuis, Piet (red.), Mei 1940: De strijd op Nederlands grondgebied (Amsterdam: Boom, 2012, 4e herziene druk).
  • Bijkerk, Rein, Een korte oorlog: de slag om Nederland in mei 1940 (Amsterdam: Ambo/Anthos, 2015).
  • Have, Wichert ten, 1940: verwarring en aanpassing (Houten: Spectrum, 2015).